De meeste kinderen zullen rond de 13e maand goed in de handjes kunnen klappen, en daarom zijn meezingliedjes als ‘klap eens in je handjes’ of ‘hoofd, schouders, knieën, teen’ erg leuk om samen te zingen.
Je kunt ook samen verhalenboekjes lezen. Daarbij hoef je je niet altijd aan de geschreven versie te houden. Vraag je kind ook regelmatig om dingen aan te wijzen. ‘Waar is de appel?’ Ook als je kind het nog niet meteen kan aanwijzen leert het ervan. Op een dag gaat het vingertje ineens naar de appel…