Je kind kan nu een speeltje vastgrijpen als je het in de hand legt en zal steeds vaker spullen in de mond stoppen om ze te onderzoeken. Ook begint het echte brabbelen. Hoe meer je tegen je kind praat hoe meer het terug lijkt te brabbelen.
Toch is dat maar ten dele waar. Ook kinderen tegen wie niet of nauwelijks wordt gepraat en ook dove kinderen gaan rond deze leeftijd brabbelen, zo is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken. Er klinken steeds meer vrolijke kraaigeluidjes en ook wordt er flink gesabbeld, liefst op de handjes. Klinken er ook kleine smakgeluidjes? Dat is vaak een eerste aanwijzing dat je kindje trek begint te krijgen.